Prelex Consult
Wwft training en auditing

Wwft Nieuws


Terug naar overzicht

18-10-2024

Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen via (illegaal) ondergronds bankieren, maar onder meer wel veroordeeld voor het uitoefenen zonder vergunning van het bedrijf van betaaldienstverlener.

Volgens de rechtbank hebben de geldtransacties plaatsgevonden onder omstandigheden die voldoen aan een aantal zogenoemde witwastypologieën. Zo gaat het om transacties met grote geldbedragen waarbij het geld vervoerd wordt in tassen. Ook zijn er bij verdachte diverse aantekeningen en administratie gevonden die duiden op administratie van ondergronds bankieren met illegale gelden. Er is namelijk sprake van versluierde administratie waarbij identificerende gegevens zoals een voornaam en een achternaam van personen ontbreken; er worden bijnamen gebruikt om personen aan te duiden. Verder is er bij een aantal transacties gebruik gemaakt van een token. Ook is er bij verdachte thuis een groot geldbedrag aangetroffen en beschikte verdachte over meerdere auto’s waarover hij op grond van zijn legale inkomen niet zou kunnen beschikken. Verdachte heeft bovendien in een gesprek dat is opgenomen in het dossier gezegd dat “je niet opvallend moet zijn op straat”.

Deze omstandigheden kunnen echter ook worden verklaard door de werkwijze van (illegaal) ondergronds bankieren op zichzelf. Gelet op de specifieke wijze van ondergronds bankieren kan daarom niet reeds uit het zich voordoen van deze witwastypologieën worden vastgesteld dat sprake is van een vermoeden van transacties met criminele gelden. Ondergronds bankieren is als zodanig niet uitsluitend gericht op criminele gelden en transacties via het systeem van ondergronds bankieren leveren op zich geen witwassen op. Hiervoor zijn aanvullende omstandigheden vereist die het vermoeden dat de geldbedragen uit enig misdrijf afkomstig zijn ondersteunen. De rechtbank stelt vast dat in dit dossier van deze aanvullende omstandigheden niet is gebleken. De rechtbank kan dan ook niet vaststellen dat het niet anders kan dan dat de ten laste gelegde transacties zijn verricht met geld afkomstig uit enig misdrijf. Om die reden spreekt de rechtbank verdachte voor dit feit vrij van witwassen.

De rechtbank acht op grond van de bewijsmiddelen wel bewezen dat verdachte in 2022 en 2023 opzettelijk en zonder vergunning van De Nederlandsche Bank het bedrijf van betaaldienstverlener heeft uitgeoefend als bedoeld in artikel 2:3a lid 1 van de Wft. Verdachte en zijn mededaders hebben immers ten behoeve van en/of op verzoek van onbekend gebleven begunstigden en/of onbekend gebleven betalers en/of onbekend gebleven anderen (contante) geldtransacties uitgevoerd en/of voor rekening van een of meer van voornoemde begunstigden en/of betalers ontvangen en/of beschikbaar gesteld en/of gehouden bestaande uit meerdere geldtransacties ter waarde van in totaal € 918.365.

Uitspraak Rechtbank Amsterdam



Terug naar overzicht