Wwft Nieuws
Terug naar overzicht
02-07-2026
Geen recht op inzage in een verdacht verklaarde transactie (VT), ook niet als daar een verblijfsvergunning van afhangt.
Een recent gepubliceerde en opvallende uitspraak van de rechtbank Rotterdam gaat over de rol van de FIU-Nederland en de grenzen van het inzagerecht in meldingen.
Een buitenlandse investeerder zag haar aanvraag voor een verblijfsvergunning als vermogende vreemdeling stranden, omdat bij een buitenlandse FIU een transactie als verdacht was aangemerkt. Zij wilde de details van die transactie inzien om de juistheid daarvan te kunnen betwisten.
De rechtbank ging echter niet mee in die wens:
> De FIU-Nederland hoeft geen inzage te geven in de details van de buitenlandse melding;
> De bescherming van de internationale samenwerking tussen FIU’s weegt zwaarder dan het individuele belang bij inzage;
> De FIU-Nederland heeft niet de taak om een buitenlandse verdachte transactie opnieuw te beoordelen aan Nederlandse maatstaven;
> Het recht op rectificatie strekt niet zover dat meningen, indrukken of conclusies waarmee iemand het oneens is, kunnen worden aangepast.
De rechtbank benadrukt daarmee het belang van vertrouwelijkheid binnen het internationale stelsel van gegevensuitwisseling ter bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering. Openbaarmaking van dergelijke informatie zou volgens de rechtbank de bereidheid van buitenlandse FIU’s om informatie te delen kunnen schaden.
Deze uitspraak laat zien dat een eenmaal als verdacht aangemerkte transactie verstrekkende gevolgen kan hebben, terwijl de mogelijkheden om de onderliggende informatie te controleren beperkt zijn. Tegelijkertijd onderstreept zij hoe cruciaal internationale samenwerking en wederzijds vertrouwen tussen FIU’s worden geacht in de strijd tegen witwassen.
De uitspraak is te lezen via onderstaande link.
Uitspraak: Rechtbank Rotterdam
Terug naar overzicht